Voorkeuren en afkeuren uitdrukken (like, love, hate + zelfstandig naamwoord / -ing)

A1

Voorkeuren en afkeuren uitdrukken in het Engels: like, love, hate + zelfstandig naamwoord / -ing

Dit artikel legt in eenvoudig Nederlands uit hoe je in het Engels zegt dat je iets leuk vindt of juist niet — met de werkwoorden like, love en hate gevolgd door een zelfstandig naamwoord (noun) of een -ing‑vorm (gerund). Je krijgt duidelijke regels, veel voorbeelden (Engels + Nederlandse vertaling) en waarschuwingen voor de meest voorkomende fouten.

Wat betekent dit en waarom is het handig?

- like, love en hate zijn veelgebruikte werkwoorden om voorkeuren of afkeuren uit te drukken.
- Ze kunnen gevolgd worden door:
- een zelfstandig naamwoord (noun): I like coffee. — Ik houd van koffie.
- een gerund (werkwoord + -ing dat als zelfstandig naamwoord werkt): I like drinking coffee. — Ik drink graag koffie / Ik houd van koffie drinken.

Je gebruikt de noun‑vorm als je het ding zelf bedoelt; je gebruikt de -ing‑vorm als je het doen van iets bedoelt (de activiteit).

Wanneer gebruik ik noun en wanneer -ing (gerund)?

- Noun: als het om een ding of een algemene categorie gaat.
- I like chocolate. — Ik houd van chocolade. (het ding)
- She loves music. — Zij houdt van muziek.

- Gerund (-ing): als je de handeling of activiteit bedoelt.
- I like swimming. — Ik zwem graag / Ik houd van zwemmen. (de activiteit)
- He hates waiting. — Hij heeft een hekel aan wachten.

Soms kun je beide gebruiken zonder groot verschil, maar met een subtiele nuance:
- I like reading. — Ik lees graag. (plezier in de activiteit)
- I like books. — Ik houd van boeken. (de objecten)

Hoe maak je zinnen? (vormen: bevestigend, ontkennend, vragend, verleden)

- Bevestigend (present simple):
- I/You/We/They like + noun / -ing
- I like pizza. — Ik houd van pizza.
- We like playing football. — Wij spelen / wij houden van voetballen.
- He/She/It likes + noun / -ing (let op -s)
- She likes chocolate. — Zij houdt van chocolade.
- He likes swimming. — Hij zwemt graag.

- Ontkennend:
- I/You/We/They do not (don't) like + noun / -ing
- I don't like loud music. — Ik houd niet van harde muziek.
- He/She/It does not (doesn't) like + noun / -ing
- She doesn't like cold weather. — Zij houdt niet van koud weer.

- Vraag:
- Do/Does + subject + like + noun / -ing?
- Do you like jazz? — Houd je van jazz?
- Does he like cooking? — Houdt hij van koken?

- Verleden tijd: liked / loved / hated (regelmatig)
- I loved playing outside as a child. — Als kind hield ik ervan buiten te spelen.

- Progressive (vaak vermijden voor deze werkwoorden):
- Deze werkwoorden zijn meestal 'stative' (toestand) en worden niet vaak met -ing gebruikt: I love this song (niet: *I'm loving this song). Informeel gebruikt men soms progressive (I'm loving it), maar dat is spreektaal/marketing.

Bezitvorm bij -ing: his singing vs him singing

- Formeel (grammaticaal): gebruik een bezittelijk voornaamwoord + -ing om naar de handeling te verwijzen als zelfstandig naamwoord:
- I don't like his singing. — Ik houd niet van zijn zang (het zingen zelf).

- In de spreektaal hoor je vaak een objectvorm vóór -ing:
- I don't like him singing. — Ik vind het niet prettig dat hij zingt (meer gericht op de persoon en de actie samen).

Het verschil is subtiel: "his singing" benadrukt het zingen als ding; "him singing" klinkt natuurlijker in informele taal en benadrukt de persoon.

Verschil tussen -ing en to‑infinitive (like/hate + -ing versus like/hate + to…)?

- Vaak zijn -ing en to‑infinitive uitwisselbaar (I like reading / I like to read).
- Nuance:
- -ing benadrukt het plezier of de activiteit: I like reading. — Ik lees graag.
- to‑infinitive kan gewoon een gewoonte of keuze aangeven: I like to read before bed. — Ik lees graag / ik heb de gewoonte te lezen voor het slapen.
- Bij "hate" en "love" kan to‑infinitive ook beleefdheid/standpunt aangeven:
- I hate to interrupt, but... — Ik haat het om te onderbreken, maar... (beleefde formulering)
- I hate interrupting people. — Ik heb er een hekel aan mensen te onderbreken.

Veelvoorkomende fouten om te vermijden

- Verkeerde combinatie met -ing en to:
- Fout: *I like to reading.
- Correct: I like reading. / I like to read.

- Vergeten van -s bij he/she/it:
- Fout: *She like pizza.
- Correct: She likes pizza.

- Gebruik van infinitief na een voorzetsel:
- Fout: *I'm interested to learn.
- Correct: I'm interested in learning.

- Bezittelijk bij gerund verkeerd gebruiken (formeel):
- Minder formeel: I don't like him singing.
- Formeel: I don't like his singing.

- Verwarring met "would like":
- I would like a coffee. — Ik zou graag een koffie willen (beleefde vraag). Dit is niet hetzelfde als I like coffee (Ik houd van koffie).

Handige voorbeelden — zelfstandig naamwoord (noun)

- I like pizza. — Ik houd van pizza.
- She loves classical music. — Zij houdt van klassieke muziek.
- They hate spiders. — Zij hebben een hekel aan spinnen.
- We like the beach. — Wij houden van het strand.
- He loved the movie. — Hij vond de film geweldig.

Handige voorbeelden — -ing (gerund)

- I like swimming. — Ik zwem graag / Ik houd van zwemmen.
- She loves playing the piano. — Zij speelt graag piano / Zij houdt van pianospelen.
- We hate waiting in line. — Wij hebben een hekel aan wachten in de rij.
- Do you like dancing? — Dans je graag? / Houd je van dansen?
- He doesn't like cooking for big groups. — Hij kookt niet graag voor grote groepen.

Synoniemen en alternatieven (met gebruik)

- enjoy + -ing: I enjoy reading. — enjoy gebruikt bijna altijd -ing.
- be fond of + noun / -ing: She's fond of music. / She's fond of singing.
- be keen on + -ing: He's keen on swimming.
- can't stand + noun / -ing: I can't stand loud noises.
- prefer + noun / to‑infinitive / -ing: I prefer tea to coffee. / I prefer to stay home. / I prefer staying home.

Kort overzicht: regels om te onthouden

- Gebruik een noun als je het ding bedoelt; gebruik -ing als je de activiteit bedoelt.
- He/she/it + s in de tegenwoordige tijd: likes, loves, hates.
- Na een voorzetsel gebruik je altijd -ing (interested in learning, good at singing).
- Beide vormen (-ing en to‑infinitive) zijn vaak mogelijk; let op de kleine nuance (plezier vs gewoonte).
- In spreektaal kun je objectpronomen vóór -ing horen (him singing), maar formeel is bezittelijk (his singing) correct als je naar de handeling verwijst.

Woordenlijst (kort)

- Gerund: werkwoord met -ing dat als zelfstandig naamwoord functioneert (reading, swimming).
- Noun (zelfstandig naamwoord): woord voor ding of concept (music, chocolate).
- Stative verb (toestandwerkwoord): werkwoord dat een toestand of gevoel aangeeft (like, love, hate).
- To‑infinitive: to + basisvorm van werkwoord (to read, to sing).

Samenvatting

- Met like, love en hate kun je zowel zelfstandig naamwoorden als gerunds gebruiken. Kies noun als je het ding bedoelt en -ing als je de activiteit bedoelt.
- Let op werkwoordsvorm voor he/she/it, op ontkenningen en op het gebruik van bezittelijke voornaamwoorden bij gerunds in formele situaties.

Als je regelmatig voorbeeldzinnen leest en hoort (Engels) en ze vertaalt naar het Nederlands, worden deze verschillen snel duidelijk. Succes met oefenen!

Subscribe for evidence based language learning insights.

Lingua Fortis
Copyright © 2025 Lingua Fortis | Made in New York