Tijd en datum aangeven (met 'um' voor kloktijden en 'am'/'im' voor data en seizoenen)
A1Tijd en datum in het Duits: 'um' voor kloktijden; 'am' en 'im' voor data en seizoenen
In deze gids leer je duidelijk wanneer en hoe je in het Duits tijden en datums aangeeft met de voorzetsels um, am en im. Eerst leggen we kort uit wat elk voorzetsel betekent. Daarna komen veel voorbeelden en veelvoorkomende fouten aan bod. De voorbeelden zijn voornamelijk in het Duits, met Nederlandse vertalingen tussen haakjes.
Wat betekenen 'um', 'am' en 'im' en waar komen ze vandaan?
- um: gebruik je voor precieze kloktijden (bijv. um 8 Uhr).
- am: samengetrokken uit an + dem; gebruik je voor dagen van de week, voor datums (dag + maand) en voor sommige delen van de dag (bijv. am Morgen, am Abend).
- im: samengetrokken uit in + dem; gebruik je voor maanden, seizoenen en vaak voor jaren/eeuwen (bijv. im Januar, im Sommer, im Jahr 2020).
- 'am' is een verkorting van an + dem (dativ), bv. an dem Montag -> am Montag.
- 'im' is in + dem (dativ), bv. in dem Januar -> im Januar.
- Let op: als het zelfstandig naamwoord vrouwelijk is gebruik je niet 'im' maar de volledige vorm met "der": in der Nacht.
Wanneer gebruik je 'um'?
- Gebruik um voor een precies tijdstip, meestal gevolgd door een uur-aanduiding (met of zonder "Uhr").
- Der Zug fährt um 8 Uhr ab. (De trein vertrekt om 8 uur.)
- Das Meeting beginnt um 15:30 Uhr. (De vergadering begint om 15:30.)
- Wir treffen uns um halb neun. (We spreken af om half negen / 8:30.)
- Das Konzert startet um Viertel nach acht. (Het concert begint om kwart over acht / 8:15.)
- Das Feuerwerk beginnt um Mitternacht. (Het vuurwerk begint om middernacht.)
Vragen met 'um'
- Um wie viel Uhr beginnt der Film? (Om hoe laat begint de film?)
- Der Film beginnt um 21 Uhr. (De film begint om 21:00.)
Opmerkingen
- In geschreven schema's en kranten zie je vaak de 24-uursnotatie: um 21:00 oder 21:00 Uhr.
- Je kunt in spreektaal ook zonder "Uhr": "um acht" = om acht uur.
- Let op "halb neun": in het Duits betekent dat 8:30 (zelfde betekenis als het Nederlands "half negen").
- Regionale variatie: bij "Viertel" en "halb" bestaan verschillen tussen regio's (Bayern/Oostenrijk gebruiken soms andere korte vormen). Als beginner is het veilig om "Viertel nach" / "Viertel vor" en "halb" te gebruiken.
Wanneer gebruik je 'am'?
- Gebruik am voor dagen: am Montag, am Freitag.
- Am Montag habe ich frei. (Op maandag heb ik vrij.)
- Am Freitag ist die Schule geschlossen. (Op vrijdag is de school dicht.)
- Voor een datum gebruik je ook am: am 3. Mai, am ersten Januar.
- Der Kurs beginnt am 3. Mai 2025. (De cursus begint op 3 mei 2025.)
- Mein Geburtstag ist am ersten Januar. (Mijn verjaardag is op 1 januari.)
Opbouw van de datum in het Duits
- In geschreven vorm zie je vaak: 3. Mai 2025 of 03.05.2025 (dag.maand.jaar). Het punt na het getal geeft aan dat het een rangtelwoord is (3. = derde).
- In gesproken taal: "am dritten Mai 2025" of korter "am 3. Mai 2025".
- Voor sommige delen van de dag gebruik je 'am': am Morgen, am Nachmittag, am Abend.
- Am Morgen trinke ich Kaffee. (In de ochtend drink ik koffie.)
- Am Abend sehe ich fern. (In de avond kijk ik tv.)
- Voor "nacht" gebruik je meestal "in der Nacht" (zie verder bij 'im').
Wanneer gebruik je 'im'?
- Gebruik im voor maanden en seizoenen: im Januar, im Sommer.
- Im Januar ist es oft kalt. (In januari is het vaak koud.)
- Im Sommer fahren wir ans Meer. (In de zomer gaan we naar zee.)
- Voor het aanduiden van een jaar kun je zeggen: im Jahr 1999 of kurz 1999 (bv. "1999 habe ich viel gereist").
- Im Jahr 1999 begann ich zu studieren. (In 1999 begon ik te studeren.)
- Im 20. Jahrhundert veränderte sich viel. (In de 20e eeuw veranderde veel.)
- Sommige tijdswoorden zijn vrouwelijk en gebruiken "in der": in der Nacht, in der Früh (lokale variatie). Voorbeeld:
- In der Nacht schlafe ich schlecht. (In de nacht slaap ik slecht.)
Combinaties: 'am' + 'um' en andere veelvoorkomende zinnen
Voorbeelden met dag + tijd
- Am Montag um 8 Uhr beginnt die Schule. (Op maandag om 8 uur begint de school.)
- Am Samstag um 20:30 Uhr spielt die Band. (Op zaterdag om 20:30 speelt de band.)
- Am 3. Mai um 14 Uhr treffe ich den Arzt. (Op 3 mei om 14 uur heb ik een afspraak bij de dokter.)
Praktische formuleringen
- "Am + dag" combineer je vaak met "um + uur" voor een volledig tijdstip: Am Dienstag um 9 Uhr...
- Je kunt ook eerst de tijd, dan de dag noemen: Um 9 Uhr am Dienstag... Beide zijn correct, maar "Am Dienstag um 9 Uhr" is gebruikelijk.
Data schrijven en uitspreken: hoe ziet een datum eruit?
- Veel gebruikte notaties:
- 3. Mai 2025 (dag met punt + maandnaam + jaar)
- 03.05.2025 (dd.mm.yyyy)
- Let op: in het Duits worden maandnamen met een hoofdletter geschreven (Mai, Januar). Ook "Uhr" is een zelfstandig naamwoord: 8 Uhr.
- Gesproken: "Heute ist der dritte Mai 2025." Of: "Heute ist der 3. Mai 2025." Wanneer je met "am" zegt: "Am dritten Mai 2025 habe ich frei."
- Heute ist Dienstag, der 3. Mai 2025. (Vandaag is het dinsdag 3 mei 2025.)
- Wir sehen uns am 01.07. (We zien elkaar op 1 juli.)
Veelvoorkomende fouten en hoe ze te vermijden
Fout: verkeerde voorzetsel bij dag/maand
- Fout: *Ich komme in Montag.
Correct: Ich komme am Montag. (Ik kom op maandag.)
- Fout: *Wir treffen uns im 3. Mai.
Correct: Wir treffen uns am 3. Mai. (We spreken af op 3 mei.)
Fout: 'im' gebruiken voor dagen
- Fout: *Ich habe im Samstag frei.
Correct: Ich habe am Samstag frei.
Fout: verwarring tussen 'morgen' en 'am Morgen'
- "morgen" = morgen (de dag na vandaag) als bijwoord: Morgen fahre ich nach Berlin. (Morgen vertrek ik naar Berlijn.)
- "am Morgen" = in de ochtend: Am Morgen fahre ich nach Berlin. (In de ochtend vertrek ik naar Berlijn.)
Fout: vertaling van "half" of "viertel" zonder rekening te houden met regio's
- Let op: "halb neun" = 8:30 (zelfde als Nederlands "half negen"). Als je in Zuid-Duitsland/Austria komt, kunnen korte vormen een andere lokale betekenis hebben. Als beginner: gebruik "halb", "Viertel nach", "Viertel vor" of zeg de digitale tijd (8:30).
Verschillen met het Nederlands (handig voor Nederlandse leerlingen)
- Nederlands: "om 8 uur" → Duits: "um 8 Uhr".
Voorbeeld: NL: Om 8 uur ga ik naar school. → DE: Um 8 Uhr gehe ich zur Schule.
- Nederlands: "op maandag" → Duits: "am Montag".
Voorbeeld: NL: Op maandag habe ik les. → DE: Am Montag habe ich Unterricht.
- Nederlands: "in januari" → Duits: "im Januar".
Voorbeeld: NL: In januari ist het koud. → DE: Im Januar ist es kalt.
- Nederlands: "in het weekend" → Duits: "am Wochenende".
Voorbeeld: NL: In het weekend fahren wir weg. → DE: Am Wochenende fahren wir weg.
- Schrijfwijze datum: Nederlands vaak "3 mei" (zonder hoofdletter in NL), Duits: "3. Mai" (daar is Mai met hoofdletter en een punt na de dag).
Regionale variaties en praktische tips
- 24-uursnotatie: in schema's en officiële teksten is de 24-uursnotatie standaard (zéér gebruikelijk in Duitsland). In gesproken taal gebruik je vaak ook 24-uursvormen: "um 15 Uhr".
- Klinktijden: als je formeel wilt zijn, zeg dan "um 08:30 Uhr" of "um halb neun" voor spreektaal.
- Zeg altijd "am" voor dagen; dat is een veilige regel voor beginners.
- Gebruik "um" voor precieze kloktijden: um 7 Uhr, um 13:15 Uhr, um Mitternacht.
- Gebruik "am" voor dagen, datums en sommige dagdelen: am Montag, am 5. Mai, am Morgen, am Wochenende.
- Gebruik "im" voor maanden, seizoenen en vaak jaren/eeuwen: im Januar, im Sommer, im Jahr 2000.
- Voor nacht: "in der Nacht" (vrouwelijk).
- Schrijfdatum: 3. Mai of 03.05.2025; spreek: "am dritten Mai 2025" of "der dritte Mai 2025".
- Voorzetsel: (prepositie) woord dat een relatie aangeeft in tijd of plaats (bv. um, an, in).
- Contractie: samenvoeging van twee woorden (an + dem → am; in + dem → im).
- Datief (Dativ): een naamval in het Duits; bij "an dem" en "in dem" verandert "dem" (dativ) en daardoor ontstaan am/im.
- Rangtelwoord (ordinaal): woord voor "eerste, tweede, derde" (in data: "am dritten Mai").
- 24-uursnotatie: tijdsaanduiding met 00–23 uren (21:00 = neunundzwanzig? let op: 21:00 = einundzwanzig Uhr).
Einde van de gids — korte samenvatting: gebruik "um" voor klokken, "am" voor dagen en datums, "im" voor maanden en seizoenen. Als je twijfelt, bedenk of het een precies uur is (um) of een dag/maand/seizoen (am/im).