Doel uitdrukken (zodat, om te)
B2Doel uitdrukken in het Engels: 'so that' en 'in order to'
- de infinitief (to + werkwoord),
- in order to + infinitief (formeler),
- so that + bijzin (clause) met een onderwerp en werkwoord.
Voorbeeld: "I study to pass the exam." (Ik studeer om te slagen voor het examen.)
'to' en 'in order to' (met de infinitief)
- Gebruik 'to' of 'in order to' + infinitief als het onderwerp van de hoofdzin ook het onderwerp (of uitvoerder) is van de doel-handeling.
- 'to' is korter en heel gebruikelijk; 'in order to' is formeler en benadrukt het doel.
Voorbeelden:
"I study to pass the exam." (Ik studeer om te slagen voor het examen.)
"She saved money to buy a car." (Zij spaarde geld om een auto te kopen.)
"In order to finish on time, we worked late." (Om op tijd klaar te zijn, werkten we laat.)
Let op betekenisverschil bij sommige zinnen:
"She stopped to smoke." (Ze stopte even om te roken.) — hier pauzeerde ze een andere activiteit om te roken.
"She stopped smoking." (Ze is gestopt met roken.) — hier betekent 'stoppen met' (habitueel beëindigen).
'so that' (met een bijzin)
- Gebruik 'so that' + bijzin (met onderwerp + werkwoord) wanneer je het doel wilt uitdrukken en/of het onderwerp van de doelzin anders is dan in de hoofdzin.
- Vaak staat in die bijzin een modal zoals can/could, will/would, may/might.
Voorbeelden:
"I study so that I can pass the exam." (Ik studeer zodat ik het examen kan halen.)
"She left early so that she could catch the train." (Ze vertrok vroeg zodat ze de trein kon halen.)
"I turned down the music so that the baby could sleep." (Ik deed de muziek zachter zodat de baby kon slapen.)
'in order that' en 'so as to'
- 'in order that' is de bijzinvorm van 'in order to' en komt vooral formeel voor: "We postponed the meeting in order that more people could attend." (We stelden de vergadering uit zodat meer mensen konden komen.)
- 'so as to' is een vrij formele variant die je soms met de infinitief ziet: "He whispered so as not to wake the baby." (Hij fluisterde om de baby niet wakker te maken.)
- Doel: "I turned on the light so that I could read." (doel: lezen mogelijk maken)
- Gevolg/resultaat: "It was so dark that I couldn't see anything." (resultaat van de donkere situatie)
Let op de structuur:
- Doel: 'so that' + bijzin (met modal vaak): "so that + can/could/will/would..."
- Resultaat: 'so' + bijvoeglijk naamwoord/bijwoord + 'that' + bijzin: "so + adjective + that..."
Voorbeelden naast elkaar:
"I spoke louder so that they could hear me." (doel)
"He spoke so loudly that everyone could hear him." (resultaat)
- Als het onderwerp van beide acties hetzelfde is, kun je meestal de infinitief gebruiken ('to' / 'in order to'):
- Als het onderwerp anders is, gebruik je 'so that' + expliciet onderwerp:
Alternatief: 'for + iemand + to + infinitive' kan ook aangeven dat het onderwerp verschilt:
- "She left the keys for John to open the door." (Zij liet de sleutels liggen zodat John de deur kon openen.)
Voorbeeld ter vergelijking:
"I opened the window to let the cat out." — hier is 'to let the cat out' een doel en logisch geldt 'I' als onderwerp van 'open', terwijl het dier de ontvanger is van de handeling.
"I opened the window so that the cat could get out." — hier maak je expliciet dat de kat het voordeel heeft.
- Gebruik 'can' in het heden: "I study so that I can pass the exam."
- Gebruik 'could' als het doel in het verleden ligt of als verleden/tijdverschil: "I studied so that I could pass the exam." (Ik studeerde zodat ik het examen kon halen.)
- Gebruik 'will' of 'would' wanneer het om wil/voornemen of toekomst in verleden gaat: "I told him so that he would know what to do." (Ik vertelde het hem zodat hij zou weten wat te doen.)
- 'may/might' voor mogelijkheid: "He lowered his voice so that the baby might sleep." (formeler)
- Met infinitief: vaak 'in order not to' of 'so as not to':
- Met 'so that' gebruik je 'not' in de bijzin:
Opmerking over splitten: "to not" wordt soms gebruikt ("I decided to not go"), maar veel docenten geven de voorkeur aan "decided not to go" of "in order not to" voor heldere doeluitdrukking.
- Informeel / gesproken Engels: 'to' + infinitief en 'so that' zijn heel gangbaar.
- Formeler: 'in order to' en 'so as to' meer gebruikelijk in geschreven, formele contexten.
2) Infinitief gebruiken als het onderwerp anders is:
Fout: "I left the keys to open the door." (onduidelijk)
Beter: "I left the keys so that John could open the door." of "I left the keys for John to open the door."
3) Onjuist gebruik van modals in tijd:
Fout: (verleden) "I studied so that I will pass the exam."
Correct: "I studied so that I could pass the exam."
4) Negatie verkeerd plaatsen:
Fout: "I left early to not miss the train." (niet fout, maar minder elegant)
Netter: "I left early in order not to miss the train." of "I left early so that I wouldn't miss the train."
5) 'in order that' en 'in order to' verwarren:
"in order to" + infinitief
"in order that" + bijzin (met onderwerp)
To / in order to (onderwerp hetzelfde):
"I exercise to stay healthy." (Ik sport om gezond te blijven.)
"He called to ask a question." (Hij belde om een vraag te stellen.)
"In order to save time, she took a taxi." (Om tijd te besparen nam ze een taxi.)
So that + bijzin (doel, vaak met modal):
"I left a note so that she would know where I was." (Ik liet een briefje zodat ze zou weten waar ik was.)
"We raised the blinds so that the room could get more light." (We deden de jaloezieën omhoog zodat de kamer meer licht kreeg.)
Negatief:
"She arrived early so that she wouldn't miss the opening." (Ze kwam vroeg zodat ze de opening niet zou missen.)
"Turn off the phone so as not to disturb others." (Zet de telefoon uit om anderen niet te storen.)
Formeel:
"In order to comply with the law, all applicants must sign." (Om te voldoen aan de wet moeten alle aanvragers tekenen.)
Resultaat (vergelijk ter controle):
"The music was so loud that I couldn't sleep." (De muziek was zo luid dat ik niet kon slapen.)
- Gebruik 'to' of 'in order to' + infinitief als het onderwerp van hoofd- en doelzin hetzelfde is.
- Gebruik 'so that' + bijzin (met onderwerp) als het onderwerp anders is of je het onderwerp wilt benadrukken.
- Voor negatieve doelen gebruik 'in order not to' of 'so as not to', of 'so that ... not'.
- Verwissel 'so that' (doel) niet met 'so ... that' (resultaat).
- 'In order to' en 'so as to' klinken formeler; 'to' en 'so that' zijn normaal in spreektaal.
- Infinitief: de onverbogen vorm van het werkwoord, meestal met 'to' in het Engels (to go, to eat).
- Bijzin (clause): een zinsdeel met onderwerp + werkwoord (bv. "so that she could come").
- Modal (modaal hulpwerkwoord): can, could, will, would, may, might — vaak gebruikt in doel-bijzinnen.
- Doel (purpose): de reden waarom iemand iets doet.
- Resultaat (result): het gevolg van iets ("so ... that" + bijzin).
Einde.